Juniboek

In juni las ik maar één boek en dat was Paper Towns van John Green. Ik vrees dat ik nog wel een tijdje op dat tempo zal blijven doorgaan. Want onze uitgestelde reis staat pas gepland eind september. In juli heb ik wel een weekje verlof, maar ook veel plannen. Gelukkig zit ik nog altijd één boek voor op schema, dus kan het perfect :-).

Ik las het boek in het Nederlands, omdat ik het vond op het Boekenfestijn in Mechelen, en ik denk dat dat een foute keuze was. The Fault in Our Stars van John Green las ik in het Engels en dat was sowieso een meerwaarde. Ik hou nu eenmaal van de Engelse taal en bepaalde dingen laten zich niet vertalen, bijvoorbeeld de zin: “some infinities are bigger than other infinities.” In het Nederlands kan dat nooit zo mooi klinken. Toen ik het boek begon te lezen, groeide dus de overtuiging dat ik beter voor de Engelse versie had gekozen. En ik werd in die overtuiging gesterkt toen ik onlangs de trailer van de film zag op Play More.

Ik gaf Paper Towns uiteindelijk maar twee sterren op Goodreads en dat is tot nu toe het minste van alle boeken die ik in 2016 al las. Waarom? Omdat ik mij doodergerde aan het hoofdpersonage Margo Roth Spiegelman. In het begin vond ik die zoektocht nog heel leuk, maar iets over de helft begon ik mij af te vragen of Quentin (het andere hoofdpersonage) niet beter wat kon genieten van zijn laatste weken op het middelbaar in plaats van al zijn tijd te steken in het zoeken naar Margo. Naar het einde van het boek toe werd dat gevoel enkel maar sterker. Het idee achter het verhaal is goed, maar het is me iets te langdradig en ik had dus iets te weinig affiniteit met beide hoofdpersonages. Het einde kon ik nog wel appreciëren, al was het met een dubbel gevoel. Toch ga ik de film binnen een paar weken zeker nog eens bekijken. Al was het maar om het verhaal eens in het Engels te horen ;-). En omdat ik net las dat de film een ander einde zou hebben dan het boek.

 

 

De boeken van maart, april en mei

Ik las in heel deze periode maar twee boeken en begon aan een derde, maar dat is nog niet uit. Ik ben tijdens mijn behandeling heel moe geweest en dan is lezen vaak te lastig. Misschien ligt dat aan mij, maar ik vind lezen vermoeiender dan tv-kijken. M’n hersenen moeten dan meer verwerken en da’s net het leuke eraan, maar niet als je je constant moe voelt. Dat gevoel is trouwens nog niet gedaan. Ik krijg nog geregeld een klop van de hamer. Vandaag was ook zo’n dag. Wat maakt dat het laatste boek waar ik in mei aan begonnen ben (Paper Towns), nog niet ver gevorderd is, maar alles op zijn tijd. Dat ik ondanks een slechte dag toch nog een half uurtje kon lopen op de loopband, was al een kleine overwinning.

In maart begon ik aan Het geheim van de kaarten van Jostein Gaarder. Ik heb dat boek ooit al gelezen in het middelbaar en vond het toen prachtig. Net zoals Door een spiegel in raadselen. Ooit begon ik ook in De wereld van Sofie en die staat nog altijd in mijn boekenkast, omdat ik de cover en backcover heel mooi vind, maar de inhoud bevatte te veel filosofisch gezwets (vooral de hoofdstukken over de filosofen) en daarom heb ik het nooit uitgelezen. Gaarder staat er voor bekend om zijn boeken een filosofische ondertoon te geven, maar bij Het geheim van de kaarten stoorde mij dat destijds veel minder. Was het omdat ik het boek las toen ik op 22 maart een hele dag in het ziekenhuis doorbracht en na een lange dag, die sowieso al heel emotioneel was door die aanslagen, nog meer dan een uur moest wachten op de oncoloog? Of dat ik het verder las toen ik een week later in het ziekenhuis door een hele mallemolen van onderzoeken moest? Maar dit keer ergerde ik mij er wel aan. Toch blijft het een heel mooi sprookje en was ik blij dat ik het nog eens gelezen had.

Ook bij Het smelt van Lize Spit had ik een dubbel gevoel. Dit boek begon ik te lezen op de chemozaal, maar daar lag het het hier zeker niet aan. Het leidde me namelijk nog een beetje af terwijl ik daar vooral uren moest wachten op de resultaten van mijn bloed voor ze het eerste spuitje van elke reeks konden klaarmaken. Het wordt beschreven als een heel gruwelijk boek, maar ik vind eigenlijk maar één scène in het boek echt gruwelijk. Die is dan meteen ook zo erg dat ik twijfel of ik de verfilming wel wil zien. De rest vind ik vooral pervers. Sommige mensen vinden dat het vergezocht, maar ik vond het met momenten heel herkenbaar. Lize Spit legt er de vinger op over waarom ik als tiener niet kon aarden in een dorp. En nu dus ook heel bewust in een (weliswaar kleine) stad woon. De verveling en het gevoel van te willen ontsnappen, in combinatie met alcoholisme (al had bij mij gelukkig maar één ouder dat probleem), waren zelfs pijnlijk herkenbaar. Dat tieners dat soort spelletjes niet zouden spelen, klopt ook niet. Ik heb welgeteld één jaar in de Chiro gezeten, maar ik heb daar ook ooit in mijn hemdje gestaan terwijl ik een raadsel moest oplossen. Gelukkig was dat een gemakkelijk oplosbaar raadsel en waren er ook geen tegenprestaties als je het niet kon oplossen. Het bleef dus nog relatief braaf, maar ik kan me perfect voorstellen dat het soms veel verder kan gaan en dat die meisjes die het raadsel proberen op te lossen zich laten meesleuren. Ook mensen die liever hun eigen naam beschermen dan hulp te bieden, zijn mij niet vreemd. Waar ik mij wel aan ergerde is dat het voorgesteld wordt alsof Eva (het hoofdpersonage) geen keuze heeft. Die heb je altijd en ik ergerde mij dan ook geregeld aan haar keuzes en aan die van andere personages. Ik begrijp de hype en voor een debuut is het enorm goed geschreven. Ik denk niet dat ik het zou kunnen. Ik zou het boek ook aanraden, al was het maar omdat het nog dagen door m’n hoofd bleef spoken. En toch was ik lichtjes teleurgesteld. Klinkt heel onlogisch, ik weet het :-).

De boeken van februari

Ik zit nog steeds op schema en daar ben ik blij om. In februari las ik opnieuw twee boeken:

De moord op Miss België: zoals ik al eens eerder zei ben ik enorm fan van Marc de Bel. Toen ik hoorde dat hij een Blinker-boek voor volwassenen had geschreven, wilde ik het dan ook per se lezen. Ik kreeg het cadeau voor Kerstmis en las het deze maand vrij snel uit. Snel, want zo als alle boeken van de Bel las het vlot. Ik vond het een heel entertainend boek en ben blij dat ik het gelezen heb. Maar om het nu een boek voor volwassenen te noemen? Daarvoor miste het wat diepgang. Ik vond ook dat het heel bruusk eindigde. Oké, het ‘mysterie’ was opgelost, maar ik hou dan nog wel van een hoofdstukje waar het nog eventjes gaat over het ‘privéleven’ van het hoofdpersonage als afsluiter. Ik meen mij te herinneren dat hij dat vroeger ook zo deed in zijn Blinker-boeken (maar ik kan me vergissen). Hier gebeurde dat niet en bleven er naar mijn mening te veel verhaallijnen open.

Bono 50: dit boek van journalist Bart Steenhaut kreeg ik een paar jaar terug cadeau van een ex-collega die toen meedeed aan het Groot Dictee der Nederlandse taal (en dat supergoed deed, may I add :-)). Alle deelnemers krijgen een pakket, omdat ze geselecteerd zijn. Dit boek zat er bij en U2 zegt hem absoluut niets. Gelukkig wist hij dat ik megafan was en lag er de volgende dag dus een leuk cadeautje op mijn bureau (ja ik heb altijd al geluk gehad met mijn collega’s). Dit jaar pakte ik het eindelijk vast en ik ben blij dat ik dat gedaan heb. Het las opnieuw minder vlot dan het fictieboek, blijkbaar hebben mijn hersenen meer tijd nodig om de inhoud van non-fictieboeken te verwerken, maar ik las het wel met veel plezier. Ik leerde dingen bij, werd bij bepaalde beschrijvingen van concerten terug gekatapulteerd in de tijd en kreeg zin om terug in m’n eigen U2 catalogus te duiken. Een aanrader voor de fans!

En jij? Iets interessants gelezen in februari?

 

De boeken van januari

2016-01-27 10.47.42

Nadat ik mijn boekendoel had vooropgesteld ging ik begin januari meteen aan de slag. En met succes, want ik las niet één, maar twee boeken:

Één mens is genoeg: een boek van oud-leerkracht Els Beerten. Dat mij direct meesleepte van het begin. Het eerste deel was ongemeen hard. Herkenbaar ook met momenten, want ik weet als geen ander wat het is om gemanipuleerd te worden door je eigen vlees en bloed, om dan te ontdekken dat het allemaal leugens zijn. Gelukkig was de rest veel minder herkenbaar. Tegen deel 3 was ik wel de affiniteit met het hoofdpersonage verloren, waardoor ik het spijtig genoeg wel een minder boek vond dan haar voorganger Allemaal willen we de hemel. Maar toch een aanrader! Het las ook als een sneltrein. Op een week had ik het uit. En dat was enkel omdat ik niet genoeg tijd had om het op één dag uit te lezen.

How Blogs Work van vroegere klasgenote Stephanie Duval (ja het was precies de leesmaand van auteurs die ik in mijn leven al eens ben tegengekomen :-)). Hoewel ik stukken van dit boek interessant vond, heb ik mij door het merendeel moeten slepen. Gelukkig dat ik het eerste boek op een week uit had, want voor dit boek had ik meer dan twee weken nodig. Had ik dit als eerste gelezen dan was de moed me vast in de schoenen gezonken. Is dit dan een slecht boek? Verre van, het is goed geschreven en staat vol tips, maar ik ben niet echt de doelgroep. Dit is meer voor professionele bloggers. Toen ik Blogboek las, kreeg ik al vaak een benepen gevoel als er dingen stonden zoals: maak een manifest … In plaats van dat het mij motiveert om er dan in te vliegen, krijg ik dan last van faalangst en uitstelgedrag. Omdat het lijkt dat ik niet serieus genoeg bezig ben met mijn blog. Maar Blogboek was verder wel meer vrijblijvend, ook voor de hobbyblogger zoals ik. Toch heb ik eindeloos veel respect voor Stephanie. Toen we samen de Master Journalistiek deden, had ik niet zo veel contact met haar. Er was af en toe wel eens een babbel in de gang voor een les of voor een examen, maar we zaten in andere ‘vriendengroepjes’, je kent dat wel. Het was mij van het begin wel al heel duidelijk dat ze wist wat ze wou in het leven. Sommige van onze lectoren deden al eens smalend toen ze stage ging lopen bij Elle of omdat ze (toen nog) een modeblog had. “Want modejournalistiek dat was toch geen ‘echte’ journalistiek.” En hoewel er nog wel wat klasgenoten effectief journalist geworden zijn (zoals die ene ex-klasgenoot die al in heel wat rampgebieden gezeten heeft voor de krant), vind ik dat Stephanie van hen allemaal al het meeste bereikt heeft in de sector. En ze gaat nog steeds voort op dat elan. Ik ben ook enorm fan van haar blog trouwens. Als je dus een professionele blog wil opbouwen, lijkt me dit een goed boek om ze te beginnen (samen met Blogboek uiteraard :-))!

En nu op naar de volgende boeken …

 

2016: het voornemen

Zoals ik al eens eerder vertelde, doe ik daar normaal niet aan mee. Maar dit jaar heb ik mij toch één groot voornemen gemaakt. Meer boeken lezen! Op de boostyourpositivity brunch vertelde ik al aan Elke en Sabrina dat ik me had voorgenomen om in 2016 minstens één boek per maand te lezen. Sabrina zei dat ze dit in 2015 ook had gedaan en dat ze er uiteindelijk veel meer had kunnen lezen. Dat geeft me goeie moed.

Ik zie op veel blogs leesdoelen verschijnen waar ik alleen maar kan van dromen. En dan is er voor het tweede jaar op rij ook nog deze challenge. Ik hou die zeker in het oog, want het kan me inspiratie geven om eens een boek te lezen dat ik anders niet zou vastnemen. Voorlopig wil ik de druk echter niet hoger leggen dan één boek per maand.

2015 was qua lezen namelijk een echt dieptepunt. Ik las enkel Blogboek en The Fault in Our Stars. Twee goeie boeken, maar het aantal is voor mij echt bedroevend. Mijn voornemen om na onze reis minder tv te kijken, heb ik waargemaakt, maar helaas heb ik erdoor niet meer boeken gelezen. En toen ik dan tijdens mijn verlof zag dat onze digicorder redelijk aan het vollopen was, wilde ik die eerst leegmaken.

Sowieso zal ik dit jaar eindelijk Eén Mens is Genoeg van Els Beerten lezen en De Moord op Miss België, het boek dat ik voor Kerstmis kreeg. Verder liggen hier nog How Blog Works en Bono 50 in de kast. Die wil ik dit jaar van hun ongelezen status afhelpen. Een tijd terug kocht ik ook een tweedehands exemplaar van Het Geheim van de Kaarten van Jostein Gaarder, een boek dat ik in het middelbaar met veel plezier las en dat ik nog eens wil herlezen. En dan is er nog de boekenbon die ik van mijn mama kreeg en waar ik nog een boek zal mee kopen. Daar zou ik al een half jaar mee kunnen vullen. Daarna zien we wel weer.

Ondertussen heb ik mezelf een Goodreads account aangemaakt en is het doel vastgelegd:

Readingchallenge
Ik laat jullie alvast maandelijks weten hoe ermee gaat!

De 15 leukste momenten van 15 jaar tappen op Werchter

De wei met de eerste festivalgangers in 2014 De wei met de eerste festivalgangers in 2014

Vandaag is mijn favoriete Belgische festival begonnen en voor het eerst in 16 jaar ben ik daar niet bij. Ja 16 jaar dat lees je goed, meer dan de helft van mijn leven bracht op de Vlaams-Brabantse wei door. Dat het slechts op een kwartiertje van mijn ouderlijk huis was, heeft daar uiteraard ook wel mee te maken. Het eerste jaar was ik nog gewoon een betalende klant en had ik een dagticket. Een jaar later stond ik aan de toog. Toen nog om cola te tappen (dat was toen nog met zo’n machine), ik heb er jaren over gedaan voor ik mijn eerste pint tapte en of die dan fatsoenlijk was, laten we in het midden :-). Bedoeling was eigenlijk dat ik dat eerste tapjaar lege bekertjes zou oprapen, maar lang heeft dat niet geduurd.

Het doet raar om er niet bij te zijn. Toen we in april beslisten dat we zouden stoppen, was dat niet van harte. Zowat ons hele team stopte ermee (om redenen die we begrijpen) en we zagen het niet zitten om dan zonder dat team verder te gaan. Maar in zekere zin voelde het alsof we er geen afscheid van genomen hadden. Had ik vorig jaar geweten dat het mijn laatste jaar daar was, had ik dat toch anders beleefd. Kwam daar nog bij dat ik mijn kans had gemist op een combiticket, dus al die groepen die ik zou missen, ik zag het als een regelrechte ramp. Vorige week dinsdag kreeg ik echter bericht van de wachtlijst. Er waren terug combi’s vrij (dit was voor het afzeggen van de Foo Fighters). Ik heb er dan even over nagedacht en toch besloten om het niet te doen. Het zou toch niet hetzelfde geweest zijn. Bovendien ben ik al een dagje ouder 😉 en ik genoot er wel van om tussen de optredens door op een fatsoenlijke stoel te kunnen zitten. Een deel van het wrange gevoel is daardoor wel weggenomen. Maar toch is het vreemd om er niet bij te zijn als de deuren opengaan. Om die eerste pintjes te zien vloeien, de eerste groep te horen … Ik ga het missen.

Onze crewpull uit 2012 Onze crewpull uit 2012

Speciaal voor de gelegenheid haal ik mijn 15 favoriete Werchtermomenten boven. Edit: ik heb besloten om de name dropping te verwijderen, gewoon omdat ik daar zin in had.

-Zowat elk jaar was ik aanwezig bij de opstart. Dat wil zeggen dat ik er vaak was voor de deuren opengingen. Dan had je de kans om de wei nog te zien voor er één mens op liep en als het gras er nog heel groen en onbezoedeld uitzag :-). Telkens een fijn moment.

-Als je werkt verbruik je calorieën en dat zorgt voor honger. De organisatie voorzag ons altijd van genoeg foodbonnen om het weekend door te komen. En we mochten ook enkele keren per weekend bij de catering gaan eten. De voormalige cateraar (sinds enkele jaren is het iemand anders) zag ons echter niet graag honger lijden. Dus bij overschot stond er tijdens de nachtshift vaak lekkers te wachten: varkenshaasje met kroketten, chocoladebroodjes die ze al klaar aan het maken waren voor de volgende ochtend … het werd allemaal gesmaakt.

-Tijdens mijn eerste jaar communicatiewetenschappen viel mijn proclamatie in het midden van het festival. Drama want ik zou de Sugababes missen … en ik mocht van mijn ouders de proclamatie niet skippen. Mijn nonkel reed een vriendin en mij met zijn wagen tot in Leuven. Daar kreeg ik totaal onverwacht te horen dat ik geslaagd was (in het eerste semester nog twee onvoldoendes, maar één opgehaald, voor die andere 9 gedelibereerd en voor alle examens uit het tweede semester geslaagd). Het festival was nog nooit zo plezant. En ik was op tijd terug voor de Sugababes!

-Ik studeerde communicatiewetenschappen en journalistiek, omdat ik journalist wilde worden, meer bepaald sportjournalist. Tijdens een nachtshift moest ik een bekend journalist ooit ‘s nachts pinten weigeren (en ook een cola en een koffie), want de shift zat erop. Oh neen dacht ik, daar gaat mijn journalistieke carrière. Gelukkig nam hij het allemaal goed op :-). En ondertussen ambieer ik al lang geen journalistieke carrière meer.

-Tijdens de WK finale van 2002 stonden er nog televisies. Het was Duitsland-Brazilië en dat jaar heb ik voor Duitsland gesupporterd. Het was nl. het jaar dat onze vriend Prendergast (ken je hem nog?) onterecht een goal van Marc Wilmots afkeurde tegen, jawel, Brazilië. Ik probeerde de Duitsers dus naar de overwinning te schreeuwen samen met nog wel enkele mensen in de tent. Helaas ze verloren met 0-2.

-We spreken twee jaar later: EK. Dit keer geen tv meer in de tent. “Als je voetbal wil zien, moet je maar thuisblijven”, luidt het oordeel van de organisatie. Dus gaan we toch op zoek naar een scherm. En daar staan we dus voor de trailer van VRT, waar we door een raampje op het allerkleinste scherm ooit, voetbal kunnen zien. Het Griekse elftal wordt Europees kampioen. In de tent vieren de Grieken feest :-).

Gênant momentje vorig jaar, bekend persoon x doet zijn bestelling en vraagt na zijn bestelling of ik bekend persoon y ken. Ik antwoord: “van zicht ja.” Blijkbaar wilde persoon x een goeie vriend zijn en persoon y op een pint trakteren. Hij vroeg daarna heel vriendelijk of ik die pint naar hem wilde brengen. Ik besefte dus iets te laat dat hij niet wilde informeren of ik een of andere diepe band had met mijnheer y :-D.

-Mijn nonkel is een geboren netwerker. Zijn netwerk op Werchter was immens. Hij had connecties met de security en regelde wel eens dat er iemand van ons team front mocht. Ik had hier nog nooit gebruik van gemaakt, maar tijdens een optreden van Keane besloot ik eens te vragen of mijn beste vriendin en ik front mochten. Mijn nonkel sprak met de security. Er was echter een probleem. Keane had een tweede klein podium voor een akoestische set. Dat podium bevond zich in het midden van het publiek en dus mocht er bijna niemand front. Zelfs de security werkte met een minimumbezetting. De tweede beste optie was de PA. Daar zaten we dan met een geweldig zicht over de wei. Mijn beste vriendin vroeg nog of we daar het optreden wel zouden horen. Hilariteit alom bij de security-man: “juffrouw heeft u oordoppen bij?” Ja, het geluid was inderdaad dik oké ;-).

-Een ander voordeel van mijn nonkel zijn netwerk was dat hij bij de vorige cateraar ook wel eens kon regelen dat we bij de VIP catering konden gaan eten. Hij regelde eens met het hoofd van de catering dat we op zondagavond na onze laatste shift mochten gaan eten. Om zeker te zijn, vroeg hij wel of het kon doorgegeven worden aan de mensen die ons zouden binnenlaten. Maar het hoofd van de catering had een beter idee. Hij nam de blacklight stempel die je nodig had om toegang te krijgen en zette die op ons voorhoofd. Je had het gezicht moeten zien van de medewerkers die ons ‘s avond moesten controleren, toen wij zeiden dat ze dat blacklight op ons voorhoofd moesten richten. Goed gelachen hebben die, zeker toen het nog waar bleek te zijn :-D.

Vanop het secretariaat had je een prachtig zicht over de wei. Toen we daar nog mochten komen (elk jaar werd het strenger) gingen we daar vaak het laatste optreden volgen. Geweldig om die wei helemaal uit zijn bol te zien gaan.

-Een beetje valsspelen voor deze, want die is nog van toen ik betalende festivalganger was. Mijn nonkel had me even backstage genomen. Toen mocht je nog in het artiestendorp als tapper van de perstent (het jaar nadien was dat gedaan). Ik was dat jaar vooral gekomen voor ‘Live’, opeens stond ik naast Ed Kowalzyck. Vreugde alom bij mijn puberende zelf. Het is dat dit voor het smartphone tijdperk was. Anders had ik nogal foto’s genomen.

-Vorig jaar raakte ik aan de praat met een bekend persoon. Zijn vrienden en hij waren aan elkaar hun rijbewijs aan het tonen. Om te zien wie er het lelijkste opstond. Even later kreeg ik zijn rijbewijs onder mijn neus geduwd. Dat het toch triestig gesteld was met die foto (het viel allemaal nog wel mee :-)). Ik heb hem maar gerustgesteld en gezegd dat nogal weinig mensen trots zijn op hun rijbewijsfoto. Die van mij is ook niet om over naar huis te schrijven (al had het erger gekund). En je zit daar dus de rest van je leven mee opgescheept. Het was op zich een zeer grappige conversatie. Daarom dat deze de lijst haalde.

-Mijn nonkel is niet de enige die kan netwerken. Vorig jaar had er iemand van ons team een stick bij met de Belgische driekleur. Tijdens de kwartfinale België-Argentinië moesten wij tappen. De stick was gegeerd, ook door het team dat de cocktails maakte. Dus werd er een deal gemaakt, jullie gebruiken de stick, wij krijgen na onze shift een gratis cocktail. En ja ja na een zware shift (Belgen en hun pintje tijdens de voetbalmatch weet je wel) en het teleurstellende verlies van onze Duivels, smaakte de cocktail eens zo goed.

Een deel van onze fantastische crew en ikzelf tijdens België-Argentinië. Gedoopt tot de crewfie! Een deel van onze fantastische crew en ikzelf tijdens België-Argentinië. Gedoopt tot de crewfie!

-Tijdens de laatste jaren kreeg ik soms wel eens de ochtendshift op zondag. Een hele rustige shift, saai met momenten ook, maar het voordeel was wel dat je daarna nog naar alle optredens kon gaan kijken. En mensen die al vier dagen op het festival zitten, zien langskomen op zondagochtend is ook priceless. Er worden dan ook vooral Red Bulls en cola’s besteld op zo’n moment. En veel koffies ook, maar daarvoor moest je de laatste jaren bij de koffiestand zijn en niet meer bij ons.

-Alle grappen en grollen die we met ons team uithaalden. Ja we hebben daar nogal wat afgelachen tijdens shiften. En als de mensen die voor onze toog verschenen eens konden meelachen, lieten we dat niet na. Ik hoop dat zij er evenveel plezier aan beleefd hebben als wij.

Liefde voor het boek

Ik lees al graag vanaf het moment waarop ik dat kon. De laatste tijd komt het er niet veel van. Te weinig uren in een dag en met mijn serieverslavingen wint de tv het vaak van het boek. De zomer biedt op dat gebied wel vaak beterschap. Mijn liefde voor boeken heb ik te danken aan mijn mama, die s’ avonds trouw voorlas, en aan mijn leerkracht van het derde leerjaar (juffrouw Lydia als je dit zou lezen, ik ben het nog niet vergeten :-)). Ze las voor uit Het ei van oom Trotter, een prachtig boek van Marc de Bel, nog steeds mijn favoriete jeugdauteur. Zijn verhalen zijn steeds prachtig geschreven, het is alsof je er middenin staat. Veel van zijn boekencovers werden geïllustreerd door Jan Bosschaert. Nog steeds heb ik geen boek met een mooiere cover dan de Katten van Kruisem in mijn bezit:

DSC_0560DSC_0572

Als kind kon ik echt helemaal wegzinken in zijn verhalen. Ik hield van de manier waarop zijn fantasie werkte. Ik heb ook aan al die boeken fantastische herinneringen. Zoals die zomer met slaappartijtjes bij een vriendin die een paar straten verder woonde, waarin we boeken van de Boeboeks lazen (het laatste van de drie zelfs op één dag). Of de zomer waarin we beiden verdiept waren in Blinker en de bakfietsbioscoop.

Ik werd in die tijd lid van de Belhamelsclub en won ooit ticketjes voor een lezing door hem. Daarna ging ik trillend om een handtekening vragen. Ik was verder supertrots toen ik ontdekte dat we onze verjaardag deelden. Toen ik vorig jaar op de boekenbeurs was, liep ik hem gewoon voorbij. Zo vergankelijk zijn die dingen dus. Toen ik erachter kwam dat zijn nieuwste een Blinkerboek was, had ik wel wat spijt. De moord op Miss België staat dus hoog op mijn verlanglijstje.

Ik heb van geen enkele auteur meer boeken dan van Marc de Bel. Vorig jaar ontdekte ik dat ik mijn exemplaar van de Zusjes Kriegel kwijt was. Mijn mama hoopt het na haar verhuis terug te vinden in een van de verhuisdozen. Anders zal ik op zoek moeten naar een tweedehandsversie. Die tekeningen van Jan Bosschaert weet je wel, de nieuwe versie heeft die niet.  Er zijn zo veel mooie herinneringen verbonden aan die boeken. Door hem wilde ik ook lange tijd schrijver worden. Die droom is nog niet volledig opgeborgen, maar ik vrees dat ik toch te weinig fantasie heb om dat soort verhalen te schrijven :-).

Ik ben hem alvast eeuwig dankbaar voor alle prachtige verhalen die ik dankzij hem heb mogen lezen en beleven. Als ik ooit een kindje heb, hoop ik de liefde voor boeken en die voor zijn boeken door te geven. Het eerste lange verhaal dat ik voorlees, wordt ongetwijfeld Het ei van oom Trotter.

Mijn vijf favoriete tv-shows van het moment

Gisteren is het nieuwe seizoen van Game of Thrones begonnen in de USA. Toch wel een van mijn favoriete tv-series momenteel. Vorig jaar mocht in Utopolis naar de avant-première gaan kijken (vandaar onderstaande geeky foto). Dit jaar had ik de aflevering in principe gelijk met de USA kunnen zien, dankzij ons abonnement op Play More. Maar dan moest ik om 3u ‘s nachts opstaan door het tijdsverschil. In mijn studententijd durfde ik al eens mijn wekker zetten voor tennismatchen tussen Clijsters en Henin, maar nu ik tot de werkende bevolking behoor, zag ik dat toch niet echt zitten. Dus zal ik vanavond de herhaling bekijken samen met het lief, want dat is nog een voordeel van de show, we kijken er allebei graag naar. Iets wat maar uitzonderlijk gebeurt.

GameofThrones

Ik op ‘The Iron Throne’

Ter ere van Game of Thrones besloot ik als series-addict mijn vijf favoriete series van het moment te delen.

1) Game of Thrones (uiteraard)

Waarover gaat het? Moeilijk in een paar zinnen te vatten, aangezien er zo veel verhaallijnen zijn. Maar ik doe een poging: het verhaal van Game of Thrones speelt zich af in een mythische wereld waar een aantal clans vechten om de heerschappij van de Zeven Koninkrijken of ook wel de IJzeren Troon.
Waarom moet je het bekijken? Je wordt helemaal meegezogen in het verhaal. Vanaf de moment dat de epische intromuziek begint tot het einde van elke aflevering. Die durven nogal eens met cliffhangers eindigen. In het begin was het voor mij wat wennen, omwille van de harde scènes, maar eens ik mij daar had overgezet, was ik helemaal overtuigd. Ik heb ook het gevoel dat het met elk seizoen beter wordt. Iets wat heel uitzonderlijk is. Zo was ik indertijd helemaal zot van Heroes, maar dat bleek na het eerste seizoen serieus tegen te vallen. Waar ik ook van hou is dat de personages niet zwart-wit zijn. Ze zijn niet goed of slecht, ze bevinden zich ergens tussenin.

2) How To Get Away With Murder

Waarover gaat het? Annelise Keating is een topadvocate die lesgeeft aan rechtenstudenten. Het topic van haar lessen: ‘How To Get Away With Murder’. Elk jaar selecteert ze de beste vijf studenten uit haar klas om bij haar te komen werken. Zij helpen mee haar cliënten vrij te spreken.
Waarom moet je het bekijken? Ik vind de rechtszaken heel interessant om te volgen, maar dat is uiteraard persoonlijk. Ik heb altijd wel een interesse gehad in recht, ooit heb ik het zelfs als studiekeuze overwogen. Verder zit er een doorheen de serie een verhaallijn die enorm intrigeert. Je valt hierdoor van de ene verbazing in de andere. In sommige series zie ik dingen al van ver aankomen. Hier was dat bij het eerste seizoen absoluut niet het geval.

3) Pretty Little Liars

Waarover gaat het? Spencer, Aria en Hanna en Emily zijn samen met ‘Queen Bee’ Alison een hecht groepje vriendinnen. Wanneer Alison verdwijnt valt de groep helemaal uit elkaar. Een jaar later ontvangen ze berichten van iemand die zichzelf ‘A’ noemt. ‘A’ kent alle geheimen van de meisjes en maakt hen het leven zuur.

Waarom moet je het bekijken? Spanning en intrige, Pretty Little Liars is zowel een typische tienerserie (en ik kan nog steeds wel smaken) als een hele donkere reeks. Als ik het ‘s avonds laat bekijk, durf ik al wel eens serieus in de lucht te springen van het schrikken. En na vier seizoenen vraag ik mij nog steeds af wie die ‘A’ nu verdomme is.

4) Glee

Waarover gaat het? Een groep jongeren van de William McKinley High School sluiten zich onder leiding van leerkracht William Schuester aan bij de nieuwe ‘Glee Club’ (zangclub) op school. Sommigen zijn populair, anderen niet, maar de voorliefde voor zang brengt hen bij elkaar.

Waarom moet je het bekijken? Ik hou zelf enorm van musicals (Les Miserables, Phantom of the Opera, Pitch Perfect …) dus het concept van het typische tienerdrama gecombineerd met zang, spreekt mij erg aan. Het is altijd erg uitkijken naar hun versie van bepaalde populaire nummers. En ik ben ook een grote fan van het stemgeluid van Lea Michele en Jonathan Groff. Als je echter niet gek bent van zang om de haverklap, dan is Glee echt niets voor jou. Ieder zijn ding uiteraard. Technisch gezien is het laatste seizoen van Glee overigens al afgelopen in de USA, maar ik denk niet dat het hier al uitgezonden is, vandaar dat ik vond dat het nog op de lijst mocht.

5) Grey’s Anatomy

Waarover gaat het? Grey’s Anatomy volgt het doen en laten van een groep chirurgen van het Seattle Grace Hospital (Later Grey-Sloan Memorial). Hoofdpersonage is Meredith Grey die je volgt vanaf haar eerst jaar als stagiaire.

Waarom moet je het bekijken? Ik had hier ook voor Scandal kunnen kiezen, want ik geniet echt met volle teugen van series van Shonda Rimes (How To Get Away With Murder is ook van haar hand). Grey’s Anatomy loopt intussen al 11 seizoenen en nog steeds ben ik het niet beu. Nu ben ik al sinds E.R. fan van ziekenhuisseries en het verbaast me steeds hoe zulke series me kunnen blijven boeien. Al zal het bijbehorende drama daar ook wel toe bijdragen :-).

En jij ook gek van series zoals ik? Of nog andere tips voor me?

Kind van de 90’s

Ik ben geboren in ’85. Toch voel ik mij eerder een kind van de 90’s. Wellicht omdat ik mij van de periode daarvoor bitter weinig herinner. Deze week was het 90’s week op q-music. Ik heb er ten volle van genoten. Ten eerste omdat ik van lijstjes hou, altijd en overal. Op de radio betekent zo’n lijst overigens dat je een week lang geen herhaling van nummers krijgt. Wat al eens fijn kan zijn. Ten tweede is het de muziek waarmee ik ben opgegroeid. Er hangen leuke herinneringen aan vast uit de lagere school en de eerste jaren van het middelbaar. Ik heb mij trouwens fors moeten inhouden om op mijn werk niet te zingen. Vandaag heb ik een halve dag van thuis uit gewerkt. Ik hoop dat de buren niet thuis waren, in ons rijhuis zijn de muren nl. nogal dun :-D.

Ik was in de jaren 90 serieus fan van de Backstreet Boys. Er was een periode waar ik daar vooral over zweeg, maar tijdens de afgelopen week was ik steeds blij als er een nummer van hen passeerde. Dat ik hun nummers nog steeds van voor naar achter ken, zegt al genoeg. Na het zware verhaal dat ik woensdag deelde, sluit ik de week op mijn blog af met een positieve noot, mijn favoriete nummer van hen. Voor de fans geniet ervan, voor de haters laat deze kelk aan jullie voorbijgaan ;-).

Bij q-music zitten ze ondertussen aan nummer 14. Ik ben benieuwd wie er op één staat.

Leestip: The Fault in Our Stars

De afgelopen week heb ik eindelijk het boek The Fault in Our Stars van John Green uitgelezen. Een prachtig boek over twee tieners met kanker dat recent nog verfilmd werd. Ik had het al een tijdje in mijn bezit, maar omdat ik momenteel met een energiegebrek zit, komt het er vaak niet van om te lezen ‘s avonds. Na het werk plof ik mezelf dan futloos in de zetel. Lezen lijkt op dat moment te vermoeiend, terwijl ik deze week nog maar eens gemerkt heb dat het mij net energie geeft. In het vervolg ga ik mezelf dus sneller ‘een stevige sjot onder m’n gat geven’ en een boek vastnemen.

foto

Een lange review over het boek ga ik niet schrijven. Die zijn er ongetwijfeld al genoeg te vinden. Om het met de woorden van John Green te zeggen:

“Sometimes, you read a book and it fills you with this weird evangelical zeal, and you become convinced that the shattered world will never be put back together unless and until all living humans read the book.”

The Fault in Our Stars is zo’n boek. Een boek dat je doet lachen en ontroert. Een boek dat je doet nadenken. Het was exact wat ik deze week nodig had om alles even op een rijtje te zetten. Het boek mag dan fictie zijn, maar er zijn genoeg kinderen en tieners op deze wereld met het verhaal van Hazel en Gus. Kinderen die nooit de kans zullen krijgen om een volledig leven te leiden. Om alle fijne dingen die een mensenleven met zich meebrengt mee te maken. Het laat je beseffen dat het leven te kort is om dingen te doen waar je ongelukkig van wordt. Dat er veel is om gelukkig te zijn en dat er verschillende manieren zijn om met problemen om te gaan: zitten kniezen of er alles uithalen wat er uit te halen valt. Je kan met andere woorden veel levenswijsheid terugvinden in het boek, zoals dit:

“You don’t get to choose if you get hurt in this world…but you do have some say in who hurts you. I like my choices.”

Niet slecht voor een jeugdboek :-). Dus haast je naar de plaatselijke boekhandel of bib en haal ‘m in huis. Of bekijk de film als je niet van lezen houdt, want die schijnt ook heel goed te zijn.